Cuba met kind: een impressie

“Hola preciosa, qué tal?” Het moet de vaakst gehoorde zin tijdens onze twee weken in Cuba geweest zijn. Nee, de locals hadden het niet tegen mij, maar tegen mijn acht maanden oude zoon (van wie ze dus blijkbaar dachten dat het een meisje was). Yep: Cubanen zijn dol op baby’s. En het gevoel was wederzijds, want mijn kleine niño had in Cuba de tijd van zijn leven. Papa en mama bijgevolg ook.

Het is avond als we in Cuba aankomen. We hebben er een vlucht van negen uur op zitten die, tegen alle verwachtingen in, vlotjes verliep. Onze koffers liggen mooi te blinken op de band, en ook onze autostoel en buggy hebben de intercontinentale oversteek zonder kleer- of letterlijke scheuren doorstaan. Nog vlug even wat euro’s in peso’s wisselen, baby verschonen en vamos.

Eerste stop: het hete Havana

We waren gewaarschuwd en hadden ons na de Belgische hittegolf net voor ons vertrek al ietwat kunnen voorbereiden. Maar toch: aan die Cubaanse hitte en vooral luchtvochtigheid moeten we serieus wennen. Om 7.30 uur ’s morgens (newsflash: baby’s zijn vroeg wakker) zitten we bij het ontbijt al te puffen en te zweten. Gelukkig lijkt onze hijo het oké te vinden en slaapt hij zelfs nog even bij in de buggy. Ideaal, want zo kunnen wij op het gemak bekijken hoe we onze dag in Havana gaan invullen.

We besluiten de voorgestelde stadswandeling uit onze Lonely Planet te volgen. Die is maar twee kilometer in totaal, maar dat deert ons niet. Integendeel, dan hebben we tijd genoeg om alles rustig aan te doen en de nodige tussenstops in te lassen. Want ook in Cuba is het belangrijk om de inwendige mens op tijd en stond te versterken (hallo piña colada’s!).

Havana kent een rijke, koloniale geschiedenis. En die is dankzij de oude, monumentale gebouwen nog heel sterk voelbaar. Veel van die bouwwerken zijn erg vervallen, maar dat heeft wel iets. Want soms is een steegje zo lelijk, dat het op een bepaalde manier weer mooi wordt. Ook kenmerkend aan het straatbeeld in de hoofdstad zijn de vele oldtimers die er rondsjezen. Een ritje maken in een van die felgekleurde bakken is bij toeristen – terecht – bijzonder populair. Maar ook gewoon verdwalen in de smalle straatjes en je laten opzwepen door de salsamuziek die je op zowat iedere straathoek hoort, is de ideale manier om je in die unieke sfeer van Havana onder te dompelen.

Digitale detox

Havana en bij uitbreiding heel Cuba is trouwens de perfecte plaats om de innige relatie tussen jou en je smartphone even on hold te zetten. Het fenomeen ‘free wi-fi’ kennen de Cubanen namelijk niet. Je hebt een kaartje met internetcode nodig én moet je op een plek bevinden waar je überhaupt verbinding met het internet kunt maken. Dat zijn meestal pleintjes of een openbaar park (te herkennen aan de massa mensen met een smartphone aan hun hand geplakt).

Even snel de socials checken, zit er op de parel van de Caraïben dus niet echt in. En je betaalt er ook voor. Dat komt omdat de overheid graag weet naar welke sites je surft. Houd daar dus rekening mee en let misschien wat op met wat je googelt. ‘How to smuggle goods into Cuba’ lijkt me bijvoorbeeld niet echt een zoekopdracht die ze er zouden appreciëren.

Vamos a Viñales

De volgende dag zetten we koers richting Viñales, een dorpje gelegen in de gelijknamige vallei. Havana kon ons zeker bekoren, maar we zijn ergens wel blij om de drukkende hitte van de hoofdstad vaarwel te zeggen en ons in onze huurauto (met airco, praise the lord!) te installeren. We zijn nog geen kwartier onderweg of zoonlief Eppo ligt al te ronken. Bolide dutjesproof? Check!

Onderweg maken we een tussenstop in Las Terrazas, een door Unesco uitgeroepen natuurreservaat. We voorzien er onszelf en Eppo van drank, eten en een verse luier (laatste uiteraard enkel voor onze niño) en trekken onze zwemkleren aan. We hebben namelijk gelezen dat het zalig pootjebaden is in de Baños del San Juan wat verderop. Helaas moeten we snel vaststellen dat dat waarschijnlijk alleen in de week geldt, als het er niet overspoeld wordt door lokale Cubanen die er hun zondag komen spenderen. Nee, hier gaan we niet te lang blijven. Jammer, want als je de massa wegdenkt, is het eigenlijk wel een schitterende plek.

Cuba rondreis met baby inclusief route met huurauto

* Uitdaging voor ‘Waar is Wally?’-fans: zoek Siebe. Kleine tip: hij had nog niet echt aan zijn kleurtje kunnen werken.

Sigaren, rum en mogotes

In de namiddag komen we in Viñales aan. We verblijven er in een casa particular, wat zo veel als ‘privéhuis’ betekent. Eigenlijk kan je het vergelijken met een B&B. Overnachten in een casa is heel gebruikelijk in Cuba en vaak zelfs beter dan in de door de staat beheerde hotels. Je spaart er daarnaast ook behoorlijk wat geld mee uit en het beste van alles: je krijgt er een gratis inkijk in het Cubaanse leven bovenop. De locals zijn heel innemend en doen, zeker als je een baby meehebt, hun uiterste best om je thuis te laten voelen.

Viñales wordt vaak de mooiste streek van Cuba genoemd en dat ga ik zeker niet tegenspreken. Hier word je omgeven door tabaksplantages, traditionele rumstokerijen en met struiken bedekte kalkrotsen, mogotes genaamd. Heerlijk om hier na het drukke Havana een paar dagen tot rust te komen.

De beste manier om de streek te verkennen is gewoon te voet, al is een ritje met paard en kar ook zeker een belevenis. Tip voor ouders van kleine bebés: neem je autostoel mee in de koets. De lokale Cubanen moesten wat grinniken toen we met onze Maxi-Cosi kwamen aandraven, maar uiteindelijk bleken wij toch de slimste. Die weggetjes door de vallei zijn bij momenten namelijk behoorlijk bumpy. Waren wij even blij dat we Eppo optimaal tegen de schokken konden beschermen.

Cocktails en gratis baby-entertainment

Zei ik al dat Cubanen echt zot zijn van baby’s? Jong, oud, man, vrouw – het lijkt alsof bij iedereen de eierstokken gaan rammelen als er een klein mensje passeert. “Hola, mi amor, que pasa?” Eppo is in Cuba waarschijnlijk meer versierd dan zijn moeder in haar hele leven (en ik kan eerlijk gezegd niet klagen).

Het lijkt raar, maar volgens ons beseft onze kleine casanova heel goed dat hij overal in het middelpunt van de belangstelling staat. We moeten nog maar buitenkomen, of hij begint al rond te kijken wiens hart hij nu weer kan stelen. Nee, hard to get spelen, daar doet onze Eppo duidelijk niet aan mee. Dat zal hij wel van papa hebben.

Vooraf waren we wat bezorgd over hoe het zou lopen als we ’s avonds uiteten zouden gaan. Want een uur stil in de buggy zitten (kinderstoelen kennen ze daar niet), zou dat onze kleine man wel lukken? Het antwoord bleek al snel affirmatief. Ofwel maakten we eerst nog snel een wandelingetje zodat Eppo sliep (leve de Cubaanse kasseien en hobbelige wegen), ofwel rekenden we op het entertainmentteam van het restaurant. En hiermee bedoel ik wel degelijk gewoon de serveuses, die zich maar al te graag over onze hartendief ontfermden. Nog een digestiefje om af te ronden, papa en mama? Tja, waarom niet?

Via de Varkensbaai naar kleurrijk Trinidad

De Varkensbaai doet wellicht een belletje rinkelen. Want als je in de les geschiedenis goed hebt opgelet, weet je dat de Amerikanen hier in 1961 zonder succes probeerden om Fidel Castro ten val te brengen. Tegenwoordig is het een erg rustige plek en ook de ideale stop wanneer je zoals wij van Viñales naar Trinidad reist. We logeren er opnieuw in een casa particular, deze keer vlak aan het strand.

Eppo’s tenen raken er voor de allereerste keer het water van de Caraïbische Zee en ze vinden het geweldig. Ik hoor Brandon Boyd van Incubus zingen in mijn hoofd. Mijn moederhart is blij.

I dig my toes into the sand
The ocean looks like a thousand diamonds
Strewn across a blue blanket
I lean against the wind
Pretend that I am weightless
And in this moment I am happy, happy

Incubus – Wish you were here

Onze volgende stop is Trinidad. Ik kan erin komen dat sommigen deze oude koloniale stad vermoedelijk wat te gekunsteld en druk vinden, maar voor ons was het een van de hoogtepunten. Pastelkleurige gebouwen, alomtegenwoordige oldtimers, steegjes met de typerende kinderkopjes en heerlijk eten – Trinidad staat niet voor niets sinds 1988 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.

Daar is het rugzweet weer

Na de dorpjes Viñales en Playa Larga aan de Varkensbaai bevinden we ons met Trinidad opnieuw in een ‘stad’. Onze zweetklieren kloppen andermaal overuren en ook Eppo heeft het zichtbaar warm. We zoeken verkoeling op in de lokale supermarkt. En daar worden we nog maar eens met onze met zweetdruppels bedekte neus op de feiten gedrukt. Want hoewel ik het anders een hele belevenis vind om in het buitenland inkopen te doen, is er in het communistische Cuba niet veel leuks aan. Hier is het productaanbod, om het nog zacht uit te drukken, beperkt. De helft van de winkelrekken is dan nog eens gevuld met flessen rum (lekker al die mojito’s, maar op een bepaald punt heb je ook al eens zin in een chipje). Ook voeding of verzorgingsproducten voor kleintjes vind je hier amper. Gelukkig waren we met de sh*tload aan babybenodigdheden die we meehadden, optimaal voorbereid.

Boodschap van algemeen nut aan iedere mama of trinidaddy die het stadje met de buggy wil verkennen: vergeet het. Wij waren welgeteld vijf minuten op pad toen we naar onze casa terugkeerden om de kinderwagen voor de draagzak in te wisselen. De kasseien in Trinidad zijn echt next level en onmogelijk om met een buggy te berijden. Hadden er airbags op onze Maclaren gezeten, ze waren al tien keer geactiveerd.

Zon, zee en papflessen

Onze laatste dagen (in Cuba welteverstaan) spenderen we op Cayo Santa Maria, een eiland in de Jardines del Rey-archipel. De rit hiernaartoe is op zijn minst spectaculair te noemen. Het eiland is namelijk enkel en alleen via een geplaveide weg van 50 km lang met het vasteland verbonden. Een halfuur lang zie je langs beide kanten niets anders dan oceaan.

Een pure strandvakantie is niet aan ons besteed. Maar op het einde van een intense rondreis bollen wij al graag eens uit. Het liefst met in de ene hand een goed boek en in de andere een al even goede cocktail. Dat was in Cuba niet anders – al zag je ons deze keer eerder met lichtjes andere attributen dan leesvoer en alcohol (denk: papfles en bijtring).

Maar dat maakt ons niet uit, want we genieten met volle teugen – en onze kleine globetrotter ook.

Cuba kindvriendelijk? Sí!

Cuba met kinderen en zelfs een baby is wat ons betreft perfect te doen. Verwacht gewoon niet dat je er ter plaatse alles vindt wat je nodig hebt. In deze blogpost vertel ik je wat je best allemaal zelf meeneemt. Weet ook dat je je reistempo moet aanpassen en plan vooral niet te veel in een dag. Laat je kleintje eerst wennen en hem/haar zelf aangeven wat kan en wat niet. En gebruik die momenten in de auto als dutjestijd. Zo genieten jullie van een rustige rit én komt je baby uitgeslapen op de volgende bestemming aan.

Weken na onze thuiskomst betrapten we onszelf erop dat we nog steeds Half of my heart is in Havana, ooh-na-na aan het neuriën waren. Een goed teken, denk ik dan.

Praktisch

Route en verblijven

Cayo Santa Maria

Tegenwoordig vind je al vrij veel accommodaties op http://www.booking.com, maar voor casa particulares is http://www.airbnb.com de online place to be.

Vervoer

  • Wij vlogen rechtstreeks naar Havana en terug vanuit Parijs. Als je met een baby vliegt, krijg je automatisch een stoel toegewezen achter de toiletten of de keuken, omdat daar plaats is voor een ‘baby bassinet’. Het betekent ook extra beenruimte, dus dat is mooi meegenomen. We hadden er eigenlijk niet veel hoop op, maar Eppo sliep als een roos in dat bakje. Zo goed zelfs, dat wij ook een paar uur onze ogen konden dichtdoen. Meevaller!
Cayo Santa Maria
  • In Cuba zelf verplaatsten we ons met de huurwagen. Wees er vroeg bij als je een auto wilt huren. Het aanbod is zeer beperkt. Wij boekten meer dan twee maanden vooraf en de wagen die we wilden was al niet meer beschikbaar. Door het geringe aanbod is het huren van een auto ook niet goedkoop. En dat is een serieus eufemisme, want eerlijk gezegd was dit het duurste onderdeel van onze reis.
  • Download voor vertrek de gratis navigatie-app maps.me op je telefoon. Geef er voor vertrek je route in en markeer je stopplaatsen. Zo kom je altijd zonder stress op je bestemming aan.

Gezondheid

  • Cuba mag dan wel een ontwikkelingsland zijn, de gezondheidszorg is van hoge kwaliteit.
  • De Cubaanse muggen zijn talrijk. Ze verspreiden gelukkig geen malaria, maar zijn wel ferm ambetant. Vergeet dus zeker je muggenspray niet.
  • Leidingwater in Cuba is niet veilig. Drink alleen water uit flessen (check of ze goed dicht zijn!) en let op met ijsblokjes. Wij hadden voor Eppo zelfs vier tweeliterflessen uit België meegenomen, om helemaal zeker te zijn. Beter voorkomen dan genezen, toch?

4 reacties Voeg uw reactie toe

  1. Lotje schreef:

    Mooie reis, heel leuk geschreven

  2. Janus schreef:

    ‘Waar is Wally’ was wel heel makkelijk… Toppertjes!

    1. maaikeclarysse schreef:

      Kinderspel voor een superfan als jij 😉

Geef een reactie