Op toer in Toscane: Lucca, Pisa en Cinque Terre

Buongiorno a tutti! Precies een jaar na onze vijfdaagse in Napels zetten we andermaal voet in la bella Italia. Veel is er niet veranderd: we reizen wederom met de (schoon)ouders, gaan opnieuw voor een mix van uitstapjes en dolce far niente en slaan nog altijd graag een Aperolleke achterover. Maar dit keer logeren we in Lucca, om van daaruit verder te proeven van wat Toscane te bieden heeft. En ik heb het niet (alleen) letterlijk over de heerlijke chianti, maar ook figuurlijk over het prachtig glooiende landschap, de karaktervolle stadjes en de eeuwenoude cultuur. Reis mee langs drie Toscaanse toppers in deze blogpost.

Lucca: bevallig buitenbeentje

We zijn nog maar net in onze B&B in Lucca, Villa Pardi, aangekomen, en toch valt het ogenblikkelijk op: Lucca is anders dan andere Italiaanse steden. Hier geen overvloed aan wit marmer, maar Italië in zijn puurste vorm. Prachtige gebouwen van bruine bakstenen, kronkelende steegjes die je naar zich toe trekken en unieke bezienswaardigheden.

Denk maar aan het Piazza dell’ Anfiteatro, het centrale ovale plein waar zich vroeger een heus amfitheater bevond. Ook de Duomo di San Martino en de Torre Guinigi mag je niet missen. En dan is er ook nog een must-see waar je niet en net wél omheen kunt: de imposante stadsmuur van Lucca. Vanop deze omwalling krijg je vanuit verschillende hoeken een prachtig uitzicht over het oude centrum van de stad.

Lucca, waar alles op wieltjes loopt

En waarom zou je deze ontdekking te voet doen als er overal langs de stadsrand kleurrijke gocarts staan te blinken? Voor 18 euro mag je jezelf 60 minuten lang trotse bestuurder van zo’n hedendaagse renwagen noemen. En in een uurtje ben je echt wel rond, letterlijk dan. Zelfs met de niet te vermijden tussenstops aan de vele speeltuintjes die je tegenkomt.

Toegegeven, het is een uitdaging om in het begin de helling naar de hoger gelegen stadsmuur op te rijden, maar zie het als de perfecte proactieve work-out om er die pasta van straks alvast wat af te werken. En desnoods doe je zoals ik: positioneer je strategisch achteraan en doe gewoon alsof je zwaar aan het meeduwen bent.

Hoofdstad van Eataly

Dit is niet ons eerste tripje naar Italië (en vast ook niet ons laatste), dus we kunnen intussen wel al wat steden en regio’s vergelijken. Ook wat de lokale keuken betreft. En Lucca mmmmmmmag er op dat gebied zeker wezen. Hier sta je versteld van hoeveel smaak er in een tomaat kan zitten. En hoeveel Aperol je krijgt voor minder dan de helft van het bedrag dat je er in België voor neertelt.

In het gezellige centrum van Lucca heb je maar te kiezen uit de vele trattoria’s, ristorante’s en osteria’s die het straatbeeld sieren. Aanraders, door ondergetekende getest en goedgekeurd, zijn: ristorante-pizzeria K2 (beste risotto ooit!), trattoria Da Giulio (unieke setting onder de stadsmuur van Lucca!!) en osteria Parlascio (Aperols aan 5 euro!!!).

Buon appetito en salute!

Pisa: meer dan die scheve toren

Pisa ligt op amper een halfuurtje rijden van onze uitvalsbasis Lucca. Logisch dus dat we even gaan kijken hoe schuin die wereldberoemde toren eigenlijk wel staat. En dat we ondertussen ook eens checken wat Pisa nog allemaal te bieden heeft.

We parkeren onze huurauto op de Tower Parking, vlakbij de place to be van vandaag: Piazza dei Miracoli. Dat betekent letterlijk ‘Plein van de Wonderen’ – wat op zich dan weer niet verwonderlijk is want het beeld dat je krijgt als je de piazza oploopt, is magnifiek. En dat komt eigenlijk niet per se door de toren, maar eerder vanwege de indrukwekkende dom die centraal op het plein oprijst. Voor de kathedraal ligt het al even schitterende Baptisterium (de doopkapel) en erachter komt de toren piepen. Net als de vele toeristen die de gekste poses aannemen om toch maar de coolste foto te nemen. Toegegeven, er zitten soms wel leuke tussen, zoals je hier kunt zien.

Blasfemie in Pisa

Goed nieuws voor wie al te veel geld heeft opgemaakt aan al dat Italiaans lekkers (vul maar zelf in wat jij daaronder verstaat): in tegenstelling tot de andere gebouwen op de Piazza dei Miracoli is de kathedraal bezoeken gratis.

Zorg wel dat je een sjaal of iets anders meehebt om je schouders te bedekken. Mijn schoonmama was niet voorbereid en moest inventief zijn (ja, dat zijn papieren zakdoeken onder de riemen van haar rugzak). Zoonlief uitte zijn ongenoegen over dit achterhaalde gebruik door midden in de kathedraal een schouder te ontbloten. Een trots moment voor moeder.

Al even fier was ik toen mijn kleuter zich op de terugweg de kritische bedenking maakte hoe het kan dat die toren scheef staat, en zo mogelijk nog trotser op mezelf dat ik het antwoord wist: de ondergrond is te zacht. Hierdoor begon de toren al meteen na het begin van de bouw in 1174 scheef te zakken. Een beetje zoals ik na one too many Aperols.

Cinque Terre: Toscane op zijn mooist (en drukst)

De wereldberoemde vissersdorpjes van Cinque Terre stonden al een tijdje op mijn bucketlist. En aangezien we ons op een uurtje van La Spezia bevinden, waar de boten en treinen naar dit UNESCO-werelderfgoed vertrekken, is dit mijn kans om Cinque Terre te kunnen afvinken.

Cinque tips voor Cinque Terre

Uno – Ga er heen met de boot, niet met de trein: de vijf dorpjes van Cinque Terre – Riomaggiore, Manarola, Corniglia, Vernazza en Monterosso –zijn autovrij. Je raakt er dus niet met je huurauto. Vanuit La Spezia kan je de trein nemen naar elk van de dorpjes. Efficiënt en goedkoop, dat wel. Maar aangezien het zo al warm genoeg was, laat staan dat we nog in een snikhete wagon zouden moeten gaan zitten, kozen wij voor de andere optie: de boot.


Die vertrekt ook vanuit La Spezia, en vaart constant tussen de verschillende dorpjes (behalve Corniglia, daar kan hij niet aanmeren). Alle info en dienstregeling vind je hier. De boot is iets duurder dan de trein, maar de spectaculaire uitzichten vanop het water én vooral het frisse windje op het dek (check Eppo’s haar als je me niet gelooft) maken alles goed.

Due – Parkeer je huurauto in La Spezia in de Porto Mirabello: verspil geen tijd door tevergeefs te zoeken naar een parkeerplaatsje langs de kade waar de boot vertrekt. Wees de andere toeristen te slim af en rijd door naar parking Porto Mirabello, neem er de loopbrug over het water en na vijf minuten stappen ben je klaar om in te schepen.

Tre – Boek je ticket vooraf: Het is geen must, want je kan ook ter plaatse tickets kopen, maar het is gewoon gemakkelijker om alles op voorhand online te regelen. Wij hadden dat niet gedaan, en kregen toch wel even een klein paniekske toen we de grote massa aan de ticket office zagen drummen. Bespaar je de stress en de zweetdruppels door het aanschuiven in de vlakke zon en koop je ticket hier.

Quattro – Bezoek Cinque Terre niet tijdens het hoogseizoen: I know, je bent nu eenmaal vaak gebonden aan vaste verlofperiodes of schoolvakanties, maar als het even kan zou ik je aanraden om Cinque Terre niet in juli of augustus te bezoeken. Toen wij er gingen was het al op de koppen lopen, en het was niet eens weekend. Eerlijk: ik vond het te druk om er echt van te kunnen genieten.

Cinque – Choose wisely: Cinque Terre bezoeken kan in principe in één dag. Maar ik zou het je echt niet aanraden. Ons oorspronkelijke plan was om drie van de vijf dorpjes aan te doen, maar na de drukte in Vernazza, onze eerste en uiteindelijk enige stop, hadden we het gehad. Met de boot vaar je sowieso langs alle plekjes, zonder dat je moet uitstappen om je in de drukke massa te begeven.

Pik er dus een of twee dorpjes uit om even de benen te strekken, de sfeer op te snuiven en veel te veel te betalen voor een simpele pasta pomodoro. Keuzestress? Misschien kan dit helpen: Monterosso is het grootste van de vijf, Corniglia het kleinste (maar daar kan je niet uitstappen). Riomaggiore heeft naar het schijnt het mooiste uitzicht, Manarola staat bekend als iets rustiger en Vernazza, waar wij uitstapten, wordt het mooiste van de vijf dorpjes genoemd.

Kiezen is verliezen, maar niet in Cinque Terre. Want door selectief te zijn win je tijd, bespaar je geld én ben je vroeg genoeg terug om nog een plonsje te wagen in het zwembad van je B&B!

Je ziet het: in Toscane kan je je dagen wel vullen. Wij verbleven er vijf nachten, maar je zou er evengoed twee weken kunnen rondtrekken. Siena, Rome en Firenze liggen er namelijk ook in de buurt.

Zin in gekregen? Ik kan je geen ongelijk geven! Vergeet zeker niet ook eens te passeren langs mijn Instagrampagina voor nog meer tips en inspiratie.

2 reacties Voeg uw reactie toe

  1. Anne Vandeportaele schreef:

    Mooi reisverslag Maaike, jullie hebben ervan genoten en veel moois gezien!

  2. Anne V schreef:

    Leuk reisverslag, zal nog van pas komen in de toekomst want heb maar enkele van deze plaatsjes bezocht.

Geef een reactie